De crash van de Duitser Josef Knebel in 1957 (bron: De Telegraaf, 29 juni 1957)

Wanneer de dood zich in de TT-strijd mengt [deel 1]

Geplaatst op: 05 juni 2018 07:20 uur

MOTORSPORT - De motorsportwereld werd op 3 juni 2016 voor het laatst opgeschrikt door de dood van een coureur in de WK wegrace. Moto2-rijder Luis Salom verongelukte tijdens de Grand Prix van Catalonië. Tijdens de voorgaande 87 edities van de TT in Assen zijn in totaal zeven rijders in het harnas gestorven: de eerste in 1948 en de laatste in 1975.

Een jaar voordat het eerste officiële wereldkampioenschap wegrace van start gaat, verheugen de motorliefhebbers zich in 1948 op de achttiende TT van Assen. In de media wordt ook reikhalzend uitgekeken naar de achttiende editie. 

“Voor de achttiende keer zullen morgen te Assen de TT-races worden gehouden. Voor de achttiende keer in een tijdbestek van 24 jaar, dat de te Rolde-Borger jonggeborene gemaakt heeft tot een grote, stevige jongeling, wiens naam ver in de wereld een uitstekende klank heeft. Er gaat geen race in Drenthe voorbij, of ze demonstreert tekortkomingen, welke tevoren onmogelijk te voorzien waren en die uitsluitend het gevolg zijn van het feit, dat de internationale motorsportwereld de wedstrijden te Assen steeds meer gaan zien als een big evenement, één der grootste sportgebeurtenissen”, aldus de Nieuwe Apeldoornsche Courant op 25 juni 1948. 

Gösta Lönnfors (13 augustus 1911 – † 26 juni 1948)
Er wordt, sinds 1926, geracet op een stratencircuit van ruim zestien kilometer lang. Het parcours gaat onder meer door Assen en Hooghalen. Het Circuit van Drenthe geldt in die tijd relatief als veiligste van Europa. Er waren voor 1948 wel ongelukken gebeurd, maar nooit met fatale afloop. Tot zaterdag 26 juni 1948, de datum waarop Gösta Lönnfors uit Finland verongelukt. 


Gösta Lönnfors (rechts) bij zijn AJS (bron: http://riutakuvat.suntuubi.com/?cat=32)

Lönnfors, volgens het Rotterdamsch Parool/De Schiedammer ‘een stille, eenvoudige jongen uit Finland, die van zo ver naar Assen was gekomen’, kwam tragisch om het leven. In de eerste race van die dag verliest de Finse coureur in de 350 cc de macht over zijn stuur, in de bocht bij de Joodse begraafplaats aan de Oude Haarweg in Assen. Hij knalt met zijn AJS tegen stropakken aan, die in de bocht staan. Lönnfors stuitert terug de baan op, waarna hij wordt overreden door de Franse coureur Marcel Perrin. De Fin wordt nog naar het ziekenhuis vervoerd, maar ‘is onderweg in de arm van een verpleegster gestorven’. 

Ik reed de volgende ronde zelfs door het bloed van Lönnfors.
Piet Knijnenburg


Die dag vallen er ook nog eens zes gewonden op het natte circuit. Eén van die ongelukken is vastgelegd in het Polygoonjournaal. Op onderstaand filmpje van de VPRO (Polygoon Hollands Nieuws, 26 juni 1948 (2 min. 20 - deels STOM) gaat een rijder heel hard onderuit, maar in het Polygoonjournaal wordt niets over het ongeluk gezegd, behalve dat de weg spiegelglad was.


Klik hier wanneer de video niet wordt afgespeeld.

Het tragische nieuws druppelt door, van de pit naar de perstafel, maar de duizenden die langs de weg staan, horen er niets van. De TT-organisatie verzwijgt het ongeluk in eerste instantie. Dat terwijl eerder die dag nog omgeroepen werd dat het circuit van Assen het veiligste van Europa is, omdat er nog nooit een dodelijk ongeluk geweest is. De race wordt na het ongeluk niet stilgelegd en de coureurs rijden letterlijk door het achtergebleven bloed van Lönnfors, zo vertelt wijlen Piet Knijnenburg tegen Sportgeschiedenis. Pas ’s avonds is bekendgemaakt dat Lönnfors niet meer leeft. De 36-jarige coureur wordt enkele dagen na de fatale crash in Westerveld gecremeerd. Zijn as is met het vliegtuig naar Finland gebracht.

Josef Knebel (1932 – † 28 juni 1957)
Op het oude Circuit van Drenthe sterft één coureur tijdens de TT. De andere zes slachtoffers gaan dodelijk onderuit op het huidige circuit, dat in 1955 open ging onder dezelfde naam. Een 7,7 kilometer lang circuit wordt in dat jaar in gebruik genomen en dat nieuwe circuit betekent tevens dat ook de zijspannen aan het programma kan worden toegevoegd. 

Een maand voor de TT van 1957 maakt de jonge Duitser Josel Knebel met bakkenist Rolf Amfaldern in hun BMW indruk tijdens de Grote Prijs van Duitsland. Het duo wordt derde. Door deze podiumplaats krijgen ze een internationaal startbewijs. De eerste race van Knebel in het buitenland is in Assen. En ook tijdens de training in Drenthe rijdt het duo snel. Ze liggen op koers voor een derde startplaats.

Maar bij een latere trainingsronde gaat het gruwelijk mis. De motor schiet in de scherpe bocht voor Mandeveen rechtdoor. ‘De zijspan sloeg over de kop en wentelde over een afstand van twintig meter door de lucht’, schreef De Telegraaf op 29 juni 1957. Knebel komt onder de witte BMW-machine in de greppel terecht. De Duitser wordt nog naar het ziekenhuis in Assen gebracht, maar daar bezwijkt hij aan zijn verwondingen. Knebel wordt slechts 25 jaar oud. Amfaldern overleeft de crash. 


Bron: De Telegraaf, 29 juni 1957

Peter Ferbrache (1925 - † 28 juni 1960)
De 36-jarige Peter Ferbrache is de derde motorcoureur die tijdens de TT om het leven komt. De Engelsman, racend op een AJS in de 350 cc-klasse, maakt op zaterdag 25 juni 1960 slechts negen rondes van de race mee. In de tiende ronde komt hij, vlak voor een bocht bij het Meeuwenmeer, aan het einde van een lang recht stuk van het circuit plotseling hard ten val. 

“Volgens ooggetuigen was de valpartij volkomen plotseling, zonder voorafgaande slippartij, waaruit deskundigen de conclusie trekken dat zijn motor plotseling is geblokkeerd. Hij kwam met zijn hoofd op de weg terecht en gleed nog vele meters door”, schrijft Nieuwsblad van het Noorden na de race. Het overgrote deel van de honderdduizenden toeschouwers verneemt weinig van het ongeluk. Ferbrache’s val wordt wel door de speaker bekendgemaakt, maar diegene vertelt dat hij niet ernstig gewond is en slechts ter observatie naar het Wilhelmina Ziekenhuis wordt vervoerd.  

Ferbrache is wel degelijk ernstig gewond. Hij wordt met een hersenschudding, en later een hersenbloeding, overgebracht naar het ziekenhuis in Groningen. De Engelse coureur komt niet meer bij kennis en overlijdt op dinsdag 28 juni, in het bijzijn van zijn moeder. 


Peter Ferbrache (bron: Pilotis-muertos.com/2011/Ferbrache%20Peter.html) 

Op die dag verschijnt in Trouw een artikel van dominee A.J. Kret, waarin hij zijn mening geeft over de TT in Assen. Hij schrijft kritisch over het ongeluk van Ferbrache. “De techniek beheerst het veld. Pijnlijk is daarbij dat als noodlottige consequentie het wel en wee van de coureur geen invloed meer mag uitoefenen op de show. Verwondingen worden gebagatelliseerd, risico’s worden grif genomen, bloed wordt vakkundig van het programma verwijderd. Op de perstribune was niet ieder even gerust als de speaker over de toestand van Peter Ferbrache die eerst ‘licht gewond’ en toen ‘ok’ heette te zijn. Was Ferbrache echt ‘niet gewond’? Waarom reed hij dan later niet meer mee, en hoe kwam dan op de perstribune het gerucht binnen, dat hij uit zijn oor bloedde? Deze vragen zijn geen verwijten. Maar ze kunnen wel verwijten worden, wanneer men de TT ‘sport’ wil blijven noemen.”

Ferbrache is niet de enige coureur die in de jaren ’60 van de vorige eeuw om het leven komt tijdens de TT. Er volgen nog drie motorrijders, toevalligerwijs om de twee jaar (1962, 1964 en 1966). Daarover later meer in deel 2. 

TTDrenthe.nl is dé website voor alles wat met TT in Assen te maken heeft. Op de website van TT Drenthe vind je historische verhalen, prachtige foto's en natuurlijk al het laatste nieuws.

Door: Leo Wassing

Deel dit bericht

ADVERTENTIE